PROEF 5: BOOMSTAMGOOIEN (TOSSING THE CABER)

 

PLAATS:  SPEELPLAATS, BOSKANT NAAST DE KAPEL

 

TOEGELATEN AANTAL SPELERS PER PLOEG:   7

 

BEDOELING:  DE BOOMSTAM ZO GOOIEN DAT HIJ OVER DE KOP GAAT EN IN EEN ZO RECHT MOGELIJKE BAAN NEERVALT.

 

OMSCHRIJVING EN SPELREGELS: 

 

LENGTE VAN DE PAAL: 4 M.

GEWICHT VAN DE PAAL: 30 KG.

 

Om te beginnen wordt er getosst tussen de captains: de winnaar beslist welke ploeg er begint, elke ploeg krijgt 8 minuten tijd.

Er is een korte aanloopzone tussen het voetbaldoel aan de boskant en de afstootbalk.

2 ploegleden mogen helpen om de boomstam in de handen van de gooier te plaatsen. Hierbij mag de stam gesteund worden tegen de deklat van het doel.

Indien de stam tussen het moment van opheffen en gooien de grond raakt is de worp ongeldig.

De afstootbalk mag niet overschreden worden: dit heeft eveneens een nulworp tot gevolg.

Bij het gooien moet de stam over de kop gaan: indien hij daarna recht naar voor blijft liggen hebben we een perfecte worp: een twelve o’clockstand (klokslag 12 uur). Valt de boomstam niet recht naar voor, dan tellen we de (fout)minuten, bijvoorbeeld 11.53 uur = 7 minuten, 12.04 uur = 4 minuten. Indien de stam niet over de kop gaat is de worp vanzelfsprekend ongeldig en worden 15 minuten aangerekend.

De beste poging van 3 verschillende ploegleden telt.

 

SCORE:

 

De ploeg met het kleinst aantal foutminuten krijgt 50 punten, de tweede 48, de derde 46, . . . . de ploeg met de meeste foutminuten 4 punten.