PROEF 2: HAMERGOOIEN (THROWING THE HAMMER)
PLAATS: GRASVELD NAAST DE OPRIT VAN DE SCHOOL
TOEGELATEN
AANTAL SPELERS PER PLOEG: 7
BEDOELING: DE HAMER ZO VER MOGELIJK GOOIEN BINNEN EEN
AFGEBAKENDE ZONE.
OMSCHRIJVING EN
SPELREGELS:
GEWICHT VAN DE
HAMER: 5.5 KG.
SCHETS VAN DE
WERPZONE:

Een
aanloop is toegelaten tussen de 2
balkjes. Het verlaten van deze aanloopzone tijdens de werppoging, of het vallen
van de hamer op of buiten de lijnen heeft een nulworp tot gevolg. Net zoals bij
het kogelstoten moet de werpzone langs achter verlaten worden!
De
hamer dient met 1 hand vastgehouden te worden aan de steel en in een rechte
baan van achter het lichaam naar voor gegooid te worden, zonder dat de werparm
zich zijwaarts van het lichaam verwijdert. De hamer mag niet boven het hoofd
rondgedraaid worden. Er zijn geen hulpmiddelen toegestaan.
De captains van de 2 ploegen tossen: de winnaar
begint; vanaf dan krijgt elke ploeg om beurt een poging.
Er
wordt gemeten van een vast punt tot waar de hamer het eerst in contact komt met
de grond.
De
beste poging van elk ploeglid telt; deze 7 afstanden worden opgeteld en vormen
de totaalscore van de proef.
SCORE:
De ploeg met de hoogste totaalscore krijgt 50
punten, de tweede 48, de derde 46, . . . en de laatste ploeg 4 punten.