|

|
Wetenschappelijk onderzoek toont het belang van een goede
handhygiëne. Een goede handhygiëne kan de kans op besmetting en verspreiding
van sommige infectieziekten in belangrijke mate beperken. Dit geldt
bijvoorbeeld voor verkoudheden, griep, maag- en darminfecties zoals diarree,
maar ook voor ernstigere infecties zoals longontsteking (pneumonie) en
geelzucht (hepatitis A).
Daarnaast zorgt een goede handhygiëne er ook voor dat we
minder ongezonde stoffen opnemen uit ons leefmilieu, zoals lood en cadmium.
• Kinderen moeten de handjes wassen vóór het eten, na het
toilet, na hoesten, snuiten en niezen en als ze vieze handjes hebben
(bijvoorbeeld na het spelen in de zandbak).
• Handen wassen betekent: natmaken, goed inzepen, goed
wrijven, grondig afspoelen en afdrogen.
• Gewone zeep volstaat, antibacteriële zeep geeft geen
beter resultaat.
• Op school worden beter vloeibare zeep en papieren
handdoekjes gebruikt. Stoffen handdoeken die vuil zijn bevatten meer
ziektekiemen, hetzelfde geldt voor een blok zeep.
|