|
Alcohol kan het effect van geneesmiddelen
verstoren. Dit gebeurt niet alleen als beide tegelijkertijd worden ingenomen
(bv. een geneesmiddel doorslikken met een glas bier), maar ook meer in het algemeen als tijdens de duur van een behandeling
alcoholhoudende dranken worden verbruikt. Sommige geneesmiddelen hebben
alleen een interactie met alcohol als men regelmatig
en veel drinkt (waardoor de lever minder goed kan werken), andere zelfs bij
een eenmalige alcoholinname. Bij sommige geneesmiddelen is er dan weer geen
enkel effect. Overigens verschillen de effecten in sterkte van persoon tot
persoon. Dat heeft te maken met wat u dagelijks eet en drinkt, met erfelijke
factoren, met uw conditie, uw lichaamsgewicht, leeftijd, enz. Deze kenmerken
bepalen voor een belangrijk deel de toestand van uw lichaam, dus ook hoe u
reageert op de geneesmiddelen.
Wie zeker wil spelen, drinkt beter niet tijdens een
geneesmiddelenkuur. Als u toch een glaasje wilt drinken, dan vraagt u het
best vooraf uitleg aan uw arts of apotheker.
Met volgende geneesmiddelen is alleszins enige
voorzichtigheid geboden.
• Aspirine en niet-steroidale
ontstekingsremmers (NSAID's) zoals Voltaren, Brufen, Nurofen...
Alcohol kan mogelijk het risico op maagproblemen
(maagbloedingen en maagzweren) vergroten. Als u niet elke dag drinkt, of
dagelijks minder dan 3 glazen drinkt, is het risico op interactie
met alcohol beperkt. Drink dus met mate als u een van deze geneesmiddelen
moet nemen.
• Paracetamol
Bij een normale dosis (max. 4 g
per dag voor volwassenen) is er geen verhoogd risico op leverschade bij matig
alcoholgebruik (max. 2 ŕ 3 glazen per dag).
Bij chronische drinkers waarvan
de lever minder goed werkt, zou er mogelijk wel een verhoogd risico bestaan
op leverschade, ook – en misschien zelfs vooral – wanneer hij of zij nuchter
is.
• Narcotische pijnstillers
Alcohol versterkt bepaalde bijwerkingen van deze middelen,
zoals sufheid, slechte coördinatie en een verminderde ademhaling. Opgelet: ook sommige courante pijnstillers bevatten codeine of
aanverwanten, met een gelijkaardig effect. Lees dus altijd goed de
bijsluiter.
• Slaap- en kalmeermiddelen
(o.m. benzodiazepines)
Combineren met alcohol kan een verlenging en overdrijving
van het verdovende effect geven en extra slaperig maken of alle remmingen
doen wegvallen. Ook barbituraten, oudere slaapmiddelen, zijn gevaarlijk met
alcohol. Een hoge alcoholinname in combinatie met een slaap- of kalmeermiddel
kan de ademhaling onderdrukken.
• Antihistaminica
Sommige antihistaminica (die gebruikt worden tegen
allergieklachten) hebben als ongewenste bijwerking dat ze slaperig maken.
Gebruikt men zo'n geneesmiddel als men alcohol in
het bloed heeft, dan neemt de slaperigheid nog toe. De aandacht verslapt, het
reactievermogen neemt af. Dat is gevaarlijk als men nog moet rijden of een
gevaarlijk werkje moet uitvoeren. Combinatie met alcohol vergroot ook het
risico op vallen, vooral bij senioren.
De recentere antihistaminica zouden geen slaperigheid in
de hand wekken, als men de aanbevolen dosissen in acht neemt. Alcohol heeft
geen invloed op deze middelen.
• Antidepressiva
Een matige alcoholconsumptie is niet noodzakelijk
verboden, het hangt af van het soort antidepressivum.
Sommige geneesmiddelen tegen depressie kunnen slaperig
maken. Dat effect wordt versterkt wanneer men alcohol drinkt. De gevolgen
zijn dezelfde als met de antihistaminica. Vooral de zogenaamde tricyclische
antidepressiva werken slaperigheid in de hand in combinatie met alcohol,
zoals amitryptyline, imipramine, clomipramine, nortriptyline, doxepine, … In
combinatie met alcohol kunnen ook onverwachte gedragsstoornissen
(desoriëntatie) optreden.
De zogenaamde MAO-remmers (moclobemide en fenelzine)
kunnen een gevaarlijke aanval van verhoogde bloeddruk (hypertensie)
uitlokken. Niet door de alcohol als zodanig, maar omdat in sommige dranken tyramine zit. Wijn bevat weinig of geen tyramine,
met bier is men beter voorzichtig. Tyramine zit ook in voedsel, bijvoorbeeld
sommige kazen. Met de niet-selectieve MAO-remmers zoals
fenelzine (Nardelzine) is voorzichtigheid geboden en moet men tyraminerijke
producten vermijden. Selectieve MAO-remmers (Moclobemide) hebben
normaal geen interactie met tyramine.
De selectieve serotonine-heropnameremmers (SSRI's) zouden
geen slaapverwekkend effect hebben samen met alcohol.
• Astma en COPD-medicatie
Inhalatiemedicijnen kunnen een bloeddrukverhoging en
duizeligheid veroorzaken, wat kan versterkt worden door alcohol. Drink dus
met mate als u deze geneesmiddelen neemt.
• Middelen tegen de hoest
Vele geneesmiddelen tegen "droge hoest" bevatten
bestanddelen die de hoestreflex moeten onderdrukken. Bij een overdosis kunnen
die stoffen slaperig maken. Omdat alcohol die ongewenste effecten kan versterken,
raadt men aan niet te drinken als men zo'n
hoestmiddel gebruikt, zeker niet als u nog in auto moet rijden.
• Nitraten en propranolol
Nitroglycerine en andere nitraten worden gebruikt bij
hartaandoeningen, bijvoorbeeld angina pectoris. Een mogelijke bijwerking van
deze geneesmiddelen is een plotse daling van de bloeddruk. Hierdoor kan men
duizelig worden en vallen. De kans dat een dergelijke bloeddrukdaling zich
voordoet, neemt toe als men alcohol drinkt. Hetzelfde geldt voor propranolol, een ander geneesmiddel voor het hart.
• Statines
Statines (simvastatine, pravastatine, atorvastatine,
fluvastatine) worden gebruikt om het cholesterolgehalte te doen zakken.
Statines kunnen soms spierklachten veroorzaken, zoals spierpijn,
spiervermoeidheid, kramp… Dit kan in zeldzame gevallen tot een gevaarlijke
afbraak van het spierweefsel leiden. Een overmatige inname van alcohol
vergroot dat risico. Statines kunnen in zeldzame gevallen ook de leverfunctie
verstoren, ook een risico dat toeneemt als men veel drinkt. Niet overdrijven,
is dus de boodschap.
• Antistollingsmiddelen
Sommige antistollingsmiddelen zouden gevaarlijk zijn met
alcohol. Vooral de vitamine K-antagonisten acenocoumarol (Sintrom),
fenprocoumon (Marcoumar) en warfarine (Marevan) worden met de vinger gewezen.
Alcohol kan het anti-stollingseffect versterken, wat een verhoogd risico op
bloedingen tot gevolg heeft. In de praktijk lijkt een matige
alcoholconsumptie veilig. Zwaar drinken, zelfs een enkele keer, is wél
riskant. Drink dus met mate.
Bij alcoholisten heeft het chronisch
drankmisbruik als paradoxaal gevolg dat de werking van het geneesmiddel kan
verminderen, zodat het risico van bloedprop en dus trombose toeneemt.
• HIV-remmers
Langdurig chronisch alcoholgebruik kan de werking van de
lever versnellen, waardoor de afbraak van hiv-remmers versneld wordt,
waardoor de remming van hiv in gevaar komt. Dit gevaar bestaat vooral voor
proteaseremmers en niet-nucleoside analoge reverse transcriptase remmers.
• Anti-epileptica
Bij carbamazepine, fenytoďne en fenobarbital kunnen
bijwerkingen als slaperigheid en verslechtering van het coördinatie- en
concentratievermogen sterker worden door alcohol. Als u hiermee rekening
houdt is het geen probleem om af en toe een glas alcohol te drinken.
Chronisch alcoholgebruik (meer dan 6 glazen per dag) kan
een versnelde afbraak van sommige anti-epileptica geven, waardoor ze sneller
het lichaam verlaten en dus minder lang werkzaam zijn.
Anderzijds kan plots stoppen met alcohol epileptische
aanvallen uitlokken bij mensen die hier gevoelig voor zijn.
• Geneesmiddelen tegen
suikerziekte (Diabetes)
Diabetespatiënten moeten altijd voorzichtig zijn met
alcohol omdat het een hypoglycemie (te laag bloedsuikergehalte) kan
veroorzaken. Als algemene richtlijn geldt voor mannen maximaal 2 glazen per
dag en vrouwen maximaal een glas. Zoete alcoholische dranken
die veel suiker bevatten zijn af te raden. Het is beter de alcohol op een
gevulde maag te drinken, omdat anders het effect op het bloedglucosegehalte
te sterk is.
Bij gebruik van Metformine (Glucophage, Metformax, …)
verhoogt overdadig alcoholgebruik het risico van lactaatacidose, een
gevaarlijke complicatie waarbij melkzuur wordt opgestpld in het bloed. Dat
risico bestaat vooral als de suikerzieke ook ondervoed is of slecht werkende
nieren heeft. Ook kan in combinatie met alcohol misselijkheid ontstaan.
Sulfamiden (glimepiride, glibenclamide, gliclazide,
gliquidon, glipizide) zouden met (overmatig) alcoholgebruik aanleiding kunnen
geven tot een ernstige hypoglykemie (te laag suikergehalte).
Alcohol kan bij diabetici ook het suikerverlagend
effect van insuline versterken.
• Antibiotica
In tegenstelling tot wat algemeen gedacht wordt, is
(matig) alcoholgebruik tijdens een antibioticakuur geen probleem.
Een mogelijke uitzondering zijn de cefalosporinen, die met
alcohol een antabuse-effect (vooral misselijkheid) kunnen hebben.
• Geneesmiddelen tegen
parasieten
Metronidazol (Flagyl) veroorzaakt in combinatie met
alcohol een aantal bijwerkingen, zoals een verminderde eetlust,
misselijkheid, hoofdpijn en soms een rood gezicht. Mogelijk geldt dit ook
voor ketoconazol (Nizoral). Deze middelen worden voorgeschreven bij bepaalde
geslachtsziekten en vaginale infecties.
• Middelen tegen tuberculose:
Alcohol vermindert de werkzaamheid van isoniazide en
rifampicine en verhoogt ook het risico op leverschade.
• Geneesmiddelen bij darm en
maagaandoeningen
De maagzuurremmende H2-antihistaminica (cimetidine,
nizatidine, famotidine en vooral ranitidine) kunnen de afbraak van alcohol
tegengaan waardoor de alcoholconcentratie in het bloed kan stijgen. Het
effect is echter minimaal en zou pas optreden bij mensen die geregeld meer
dan 4 glazen per dag drinken.
• Ontwenningsmiddelen bij
alcoholverslaving
Disulfiram (Antabuse) wordt toegepast bij mensen die van
hun alcoholverslaving af willen komen. Als iemand alcohol drinkt terwijl hij
dit middel gebruikt, treden allerlei vervelende nevenwerkingen op zoals
daling van de bloeddruk, hartkloppingen, hoofdpijn, een rood en warm gezicht,
misselijkheid en zweten.
|